vooruitgang

mannelijk (de)/voˈrœytxɑŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. proces van technologische en economische groei van een samenleving
    De jaren vijftig stonden vooral in het teken van de vooruitgang, maar het milieu kwam er bekaaid vanaf.
  2. proces van verbeteringen, vorderingen
    Dat nieuwe sjabloon is een hele vooruitgang, want het spaart een boel typewerk.
    Het gaat in deze zaak om een vestiging van het bedrijf Zapp, waarvan er meerdere in de stad zitten. Darkstores zijn omstreden omdat ze vaak overlast veroorzaken en met hun afgeplakte ramen volgens tegenstanders ook esthetisch geen vooruitgang betekenen.
zelfstandig naamwoord
  1. uitgang aan de voorkant

Uitdrukkingen

  • De vooruitgang is niet te stuiten.

Vertalingen

Engelsprogress, improvement
DuitsFortschritt, Verbesserung
Spaansadelanto, avance, progreso