volksopstand

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een oproer tegen het gevestigde gezag door grote groepen uit de bevolking
    Periode van woelingen in de jaren 1605-1613, waarin de Zweden en Polen Rusland binnenvielen, volksopstanden woedden en diverse valse troonpretendenten opstonden.
    Samen met ruim tweehonderd voormalig topofficieren uit het leger en de veiligheidsdiensten ondertekende Mizrahi een waarschuwing aan de regering. De plannen zouden de vredesovereenkomst tussen Israël en Jordanië op het spel zetten en kunnen leiden tot een Palestijnse volksopstand. Jordanië waarschuwt vandaag voor een "enorm conflict".

Vertalingen

Engelsrevolt, riot, rebellion