vogelnestje
/ˈvoɣəlˌnɛs(t)jə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (bloemplanten) bepaald soort plant, uit de orchideeënfamilie
- (sport) gymnastische figuur waarbij men met handen en voeten aan de ringen hangt en een holle rug maakt
- (voeding) snack bestaande uit een grote gehaktbal gevuld met een hardgekookt ei
- (voeding) van speeksel gebouwde en gedroogde nestje van een bepaalde Aziatische gierzwaluw, de eetbaar-nestsalangaan ()
Etymologie
*afgeleid van "vogelnest"
Vertalingen
Spaansnido de ave, nido de pájaro, nido de pájaro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek