voetballerij

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. alles wat betrekking heeft op voetballen
    Toch fijn dat enkelen die vooraf zo fel en kritisch waren geweest, mij na afloop van de tocht een persoonlijk bericht stuurden om te zeggen hoe mooi ze het vonden dat ik mijn droom achterna was gegaan. Het kan gek lopen in de voetballerij.
    Backs krijgen in de huidige voetballerij een steeds belangrijkere taak, wat blijkt uit het forse prijskaartje wat om de nek van de pas 21-jarige Engelsman hangt.

Etymologie

* afleiding van voetballen