viscose

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een stroperige organische vloeistof die wordt gebruikt bij de productie van rayongarens en cellofaan, natriumzout van cellulosexanthaat
    Viscose is een stroperige vloeistof die uit bomen wordt gewonnen en gebruikt wordt bij de productie van garens. Jaarlijks zouden zo'n 70 miljoen bomen worden omgehakt voor de productie van viscose.de Telegraaf 08 apr. 2014
    Je zal ook zien dat kleuren in verschillende materialen anders overkomen. Een kleur in een platte katoen zal minder mooi overkomen als dezelfde kleur in een wol, zijde, viscose of suède.de Telegraaf 04 jan. 2016
    De keten investeert daarvoor bijvoorbeeld in nieuwe recyclingtechnieken, zoals re:newcell. Katoen, viscose en andere cellulose vezels worden tot een soort - duurzaam - pulp gemalen en hergebruikt als een nieuwe vezel in textielproducties.Tubantia Yildiz Celie 16-OKTOBER-2017

Etymologie

* uit het Engels

Vertalingen

Engelsviscose, viscose fibre