viola da gamba
mannelijk/vrouwelijk (de)/viˌjoladaˈɡɑmba/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (muziekinstrument) knie- of beenviool, een voorloper van de celloDe viola da gamba heeft net als bij de gitaar, fretten op de toets van de hals.
Etymologie
*van """, uit "viola" "altviool" en "gamba" "been"
Vertalingen
Engelsviola da gamba
Fransviole de gambe
DuitsViola da Gamba
Italiaansviola da gamba
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek