vesper
mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- zevende en voorlaatste getijde van de dag tussen none en completen
- (religie) avonddienst
- Avondster
Etymologie
* Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘voorlaatste daggetijde van brevier’ voor het eerst aangetroffen in 1236
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek