verzitten
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (erga) anders gaan zittenTerwijl de specht, zich onbespied wanend, rondom de takken rende, als had hij lijm aan zijn poten, roffelde, insecten opspeurde, verzat, versprong en pneumatisch vibreerde, vuurde ik een stortvloed aan vragen op hem af, zoals: Wat moet je nou hier?Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 2006Dankwoord door Anton Valens.
Etymologie
*Afgeleid van zitten
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek