verzinnen

/vərˈzɪnə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) bedenken van een fictief iets
    Ik had geen trail name want die verzin je niet zelf, die krijg je op de trail van een mede-hiker. Misschien was dit dan het moment, dus ik vroeg Savage of mij een naam kon geven.
    Meer kon ik niet verzinnen en ging weer liggen.

Etymologie

*Afgeleid van zinnen of afgeleid van zin

Vertalingen

Fransinventer
Spaansinventarse, inventar, idear