verzaden

Betekenis

werkwoord
  1. bevredigen, tevreden stellen, verzadigen
    Gevoel voor ritme is ook belangrijk. Probeer Psalm 81:12 van Datheen maar eens te zingen („Opent uwen mond Zeer wijd onbeladen, Ik zal hem terstondMet goede spijze,Naar Mijne wijzeRijkelijk verzaden”).

Etymologie

* afleiding van zaden