vertrappen

/vərˈtrɑpə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) vernielen met de voeten
    Doordat ze er bij het voetballen niet op letten, vertrappen de jongens alle bloemen.
  2. ov, figuurlijk (ov) (figuurlijk) grof schenden, vernederen
    Deze demagogen vertrappen onze grondwet en de mensenrechten.

Etymologie

*afgeleid van trappen