verstuiking

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een beschadiging van een (enkel)gewricht zonder dat er een botbreuk is en het gewricht ook niet uit de kop is geraakt
    Onderzoek in Barcelona heeft nu uitgewezen dat Cillessen een verstuiking van de rechterenkel heeft. De club laat op de website weten dat ze rekening houden met een herstel van drie weken. Cillessen kwam tot dusverre één wedstrijd in actie voor Barcelona. Tegen Alavés verving hij de geblesseerde Marc-André ter Stegen. Barcelona verloor die wedstrijd met 2-1.Het Parool 10 OKTOBER 2016 [https://www.parool.nl/sport/voormalig-ajax-keeper-cillessen-drie-weken-langs-de-kant~a4392994/ Voormalig Ajax-keeper Cillessen drie weken langs de kant ]
    Ook maakt het een groot verschil of je lichamelijke problemen krijgt tijdens de tocht. Veertien ruiters moesten onderweg opgeven. De enige andere Nederlander, de Ermelose Babs Ketelaar, moest na vier dagen stoppen omdat haar gezondheid het rijden niet meer toeliet, een Zweedse collega ontwrichtte haar schouder. Andere ruiters liepen botbreuken of verstuikingen op.Het Parool HANNAH STÖVE 17 AUGUSTUS 2016 [https://www.parool.nl/amsterdam/amsterdamse-rijdt-zware-mongoolse-paardenrace-uit~a4359059/ Amsterdamse rijdt zware Mongoolse paardenrace uit ]

Etymologie

* van verstuiken

Vertalingen

Engelsdislocation, sprain
DuitsVerstauchung