verspreider
mannelijk (de)/vərˈsprɛidər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- degeen die ervoor zorgt dat iets op veel plaatsen aanwezig isDeze vogel eet de vruchten en wordt zo via de vogelpoep een verspreider van de zaden.
- (communicatie) persoon of organisatie die ervoor zorgt dat iets bij veel mensen bekend wordtZijn krant is een verspreider van leugens geworden.
- (persoon) (medisch) iemand die veel anderen met een ziekte besmetDe verspreider van het virus woonde in Wuhan.
Etymologie
*afgeleid van verspreiden
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek