verrassing
vrouwelijk (de)/vəˈrɑsɪŋ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een geheel onverwachte gebeurtenisDe gebeurtenissen in Iran in juni 2009 kwamen voor velen als een volslagen verrassing.' Tot mijn verrassing zorgde mijn eerlijkheid voor een vertrouwelijke stilte, een moment van respijt.Tot mijn grote verrassing kreeg ik ook een pakket van de firma Zpacks.
- een meestal onverwacht geschenkIk heb een verrassing voor je.' 'Wanneer is hij jarig, señora?' 'Jarig?' 'Dit is toch een verjaardagscadeau?' 'O nee,' zei ze. 'Het is gewoon een verrassing'.
Etymologie
*Naamwoord van handeling van verrassen .
Vertalingen
Engelssurprise
Franssurprise
DuitsÜberraschung
Spaanssorpresa
Poolsniespodzianka
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek