verpesten

/vərˈpɛstə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) ervoor zorgen dat iets niet leuk meer is
    De sfeer grondig verpesten.

Etymologie

*afgeleid van pest en

Vertalingen

Engelsinfect
Fransempoisonner
Duitsverderben
Spaansemponzoñar, follar, estropear