verpesten
/vərˈpɛstə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) ervoor zorgen dat iets niet leuk meer isDe sfeer grondig verpesten.
Etymologie
*afgeleid van pest en
Vertalingen
Engelsinfect
Fransempoisonner
Duitsverderben
Spaansemponzoñar, follar, estropear
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek