vergeethoek

mannelijk (de)/vərˈɣethuk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. figuurlijk (figuurlijk) toestand waarin geleidelijk steeds minder aandacht ontvangen
    De BN’ers hebben het dezer dagen moeilijk, ze zitten een beetje in de vergeethoek. Hun plaats in de media wordt overgenomen door mensen van wie we drie weken geleden nooit hadden gehoord.