vergaderdag
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een dag die gebruikt wordt om zaken in groepsverband te bespreken; dag dat een college samenkomt om te vergaderenMaandag is vergaderdag bij de jeugdhulp waar Katie alweer zo lang werkt dat ze er liever niet bij stilstaat. Ze heeft een dozijn reorganisaties overleefd omdat ze weet waar ze goed in is én wat ze vooral aan anderen moet overlaten.Voor tien Nederlandse Europarlementariërs is het vandaag hun laatste vergaderdag in Straatsburg. Nog één keer stemmen, nog één keer een debat en daarna de koffers inpakken en terug naar Nederland.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek