veem
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verouderd), (juridisch), (middeleeuwen) een veemgericht, een vaak geheime rechtbank van vrije burgers voor strafzaken
- (verouderd) een groep eedgenoten of vennoten
- vennootschap of gebouw voor het opslaan van goederenOp de kaasmarkt zijn de dragers van de verschillende vemen te herkennen aan de kleur van hun linten.
Etymologie
*Van : veme; eerdere afstamming is onduidelijk.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek