woorden
boek
Start
›
V
›
vadoek
vadoek
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
huishouden
(huishouden) doek waarmee je aanrecht, gootsteen en fornuis schoonmaakt en dus niet voor het afdrogen van de vaat (dat doe je met een theedoek)
Synoniemen
vaatdoek
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← Vadims
vadsig →