vaatziekte
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) aandoening van de bloedvaten, vaak in combinatie met hartziekte (hart- en vaatziekten)Aderverkalking is een veel voorkomende vaatziekte.Ik keek ervan op dat volgens dit onderzoek mensen die elke dag minstens 30 minuten lopen een beduidend lagere kans op hart- en vaatziekte, darmkanker, borstkanker en dementie hebben.
Etymologie
*samenstelling van (bloed)vat en ziekte
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek