vaak
mannelijk (de)/vak/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (behoefte tot) slaap
Etymologie
De Chinese autofabrikanten weten auto's op de markt te krijgen met een vaak hogere actieradius tegen een voordeligere prijs dan de Europese concurrenten. "De innovaties waar Tesla zich de afgelopen tijd op heeft gericht zijn bijvoorbeeld robotisering en zelfrijdende auto's, maar dat is voor Europa voorlopig nog niet zo interessant", zegt Luman.
Uitdrukkingen
- Praatjes voor de vaak — Inhoudelijk zinloze gesprekken
Vertalingen
Engelsoften, frequently
Franssouvent
Duitshäufig, oft
Spaansa menudo, frecuentemente, muchas veces
Italiaansspesso
Portugeesa miúdo, freqüentemente, muitas vezes
Poolsczęsto
Zweedsofta
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek