uitzet
mannelijk (de)/ˈœytsɛt/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- complete uitrusting van kleren, linnengoed, borden, etc. van een bruid of bruidspaar
Vertalingen
Engelsoutfit
Franstrousseau
DuitsAussteuer
Spaansajuar
Italiaanscorredo
Portugeesenxoval
Zweedsbrudkista
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek