woorden
boek
Start
›
U
›
uitwonendheid
uitwonendheid
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
het niet meer bij de ouders wonen van studenten
Etymologie
*Afgeleid van uitwonend
Verwante woorden
uitwaai
uitwaaide
uitwaaiden
uitwaaien
uitwaaiend
uitwaaiende
uitwaaieren
uitwaaierend
uitwaaierende
uitwaaiering
uitwaaiert
uitwaait
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← uitwonenden
uitwoon →