uitspuiten
/xxxx/
Betekenis
werkwoord
- (ov) door met kracht te spuiten iets schoonmaken of deblokkerenDe dokten had net zijn oren uitgespoten.
- (ov) een vloeistof wijd verspreid lozenNa elk spoelstadium wordt het spoelwater uitgespoten over een oppervlakte bij het bedrijf met vegetatie met een lage milieuwaarde, waar weinig schade kan worden aangericht.[http://www.hardi-holland.nl/spuit-info/veiligheid/inwendige-reiniging-van-de-spuitmachine inwendige reiniging van een spuitmachine]
- (erga) spuitend naar buiten tredenHet bloed kwam uit de wond uitgespoten.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het uitspuiten in de tweede betekenis erin.
- enz.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek