uitspatting
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het uitspatten, buitensporig gedrag waarbij men zich te buiten gaat
Etymologie
* van uitspatten
Vertalingen
Engelsdebauchery, dissipation, excess
Spaansdesorden, exceso
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek