uitprinten
/ˈœytprɪntə(n)/
Betekenis
werkwoord
- iets via de computer afdrukken op papier met een printerAirbnb heeft een flyer gemaakt om toeristen goed voor te bereiden op een bezoek aan Amsterdam. 'Als je niet kunt fietsen, doe het dan ook niet'. De flyer is bedoeld voor verhuurders. Zij kunnen hem uitprinten en klaarleggen voor bezoekende gasten.Het Parool 14 november 2017 [https://www.parool.nl/amsterdam/airbnb-maakt-flyer-voor-toeristen-amsterdamse-muren-zijn-dun~a4537511/ Airbnb maakt flyer voor toeristen: 'Amsterdamse muren zijn dun']De huisfotograaf wil me op de foto zetten en plant me voor het raam met het opschrift 'Coffee drinkers make better lovers'. Daar sta ik, blocnote in de ene hand, gin-tonic in de andere - mijn gebruikelijke outfit. Ik kan de foto binnen uitprinten, als ik wil.Het Parool Hans van der Beek 27 september 2017 [https://www.parool.nl/stadsgids/we-hebben-nog-niks-maar-kom-vooral-langs~a4518705/ We hebben nog niks, maar kom vooral langs ]
Etymologie
* leenvertaling van "print" "out",
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek