uitleven
/ˈœytlevə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (refl) zich ~ (op): een verlangen tot verzadiging kunnen botvierenHij leefde zich daar helemaal op uit.
Vertalingen
Engelslet oneself go
Fransdéfoudre
Duitsausleben
Spaansdesmadrarse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek