uitleenbibliotheek
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- instelling die boeken uitleentDe Slegte is van oorsprong een Nederlands bedrijf. Het werd begin twintigste eeuw opgezet door Jan de Slegte. Hij werkte in de ochtend- en in de avonduren als lantaarnaansteker. Overdag begon hij een handel in tweedehandsboeken annex uitleenbibliotheek. De eerste vestiging in België dateert van eind jaren vijftig.de Standaard 04/06/2015 om 12:57 door WkgHet duurde niet lang voor ons duidelijk werd dat hij zich voor veel interesseerde: hij had een eigen uitleenbibliotheek op zolder, schreef een krantje vol, maakte zich druk over het bewind van Pinochet in Chili - daar hield hij een spreekbeurt over.Volkskrant Cornald Maas 17 maart 2007,
Vertalingen
Engelslending library
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek