uitje
onzijdig (het)/ˈœycə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gelegenheid waarbij mensen uitgaan en vertier zoekenWe hebben er een gezellig uitje van gemaakt.Het zijn vaak korte, betaalbare uitjes.
zelfstandig naamwoord
- (voeding) bol van gebruikt om voedsel op smaak te brengenJe kunt er ook wat uitjes in doen.
Etymologie
*[B] afgeleid van "ui"
Vertalingen
Engelsdate, evening out, little
DuitsBummel, Runde, Perlzwiebel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek