Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

uiterste wilsbeschikking

vrouwelijk (de)/ˈœytərstəˌwɪlsbəˌsxɪkɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) ondertekende schriftelijke verklaring opgesteld bij leven, met juridische werking bij overlijden, wat een persoon wil dat bij overlijden zal gebeuren met zijn of haar bezittingen en schulden, zoals wie erfgenaam is, of hoe de uitvaart geregeld moet worden
    In 1742 is het huis met zijn aanbouwsels, gelijk een gevelsteen leert, ingevolge uiterste wilsbeschikking van Aleida Greve ingericht tot ‘Vrouwenhuis’, een bestemming die het nog heeft.
  2. (Nederland, geldend recht) schriftelijke eenzijdige ongerichte rechtshandeling waarmee kan worden afgeweken van de regels van het algemene erfrecht en waarmee de wensen voor de uitvaart kunnen worden vastgelegdDe mogelijke schriftelijke wilsbeschikkingen zijn limitatief opgesomd in de wet en moeten zijn vastgelegd in een notariële akte of bij de notaris in bewaring worden gegeven; over een beperkt aantal zaken kan bij codicil worden beschikt.
    De uiterste wilsbeschikking is mogelijk nietig omdat de wens uit het testament niet in de wet staat.
    Woorden als testament, uiterste wil, uiterste wilsbeschikking en wilsverklaring worden in het spraakgebruik vaak door elkaar gehaald.
  3. (Nederland, oud erfrecht) verklaring van hetgeen men wil, dat na zijn dood zal geschieden, in het bijzonder ten aanzien van zijn erfenis (artikel 922 van het oude Burgerlijk Wetboek)
    {{ouds

Etymologie

*, leenvertaling van "acte de dernière volonté", opgevat als