tweedekker

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. luchtvaart (luchtvaart) vliegtuig met twee vleugels boven elkaar
  2. bus met twee verdiepingen
  3. scheepvaart (scheepvaart) schip met twee dekken

Etymologie

*Samenstellende afleiding van twee en dek

Vertalingen

Spaansbiplano