tweeënzestigjarige

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈtwejənˌsɛstəxˌjarəɣə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. levend wezen dat 62 jaar oud is of iets dat 62 jaar bestaat
    De tweeënzestigjarige heeft zijn vijf jaar jongere echtgenote tijdens zijn studie in Deventer leren kennen.

Etymologie

*"62-jarige"