tuinhuis
onzijdig (het)/ˈtœʏnhœʏs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een gebouwtje in een tuin voor recreatief gebruikZij hebben vorig jaar een tuinhuisje laten bouwen, maar doen er eigenlijk niks mee.
Vertalingen
Engelsgarden house
Franspavillon
DuitsGartenhaus
Spaanspabellón
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek