treurmars

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een optocht ter nagedachtenis van iets of iemand
    Achter de treurmars van de verliezers, slingerde de stroom van winnaars. Trots FC Twente, blij en verwonderd. Dat de ploeg zover zou komen, hadden de spelers amper twee maanden geleden niet kunnen bedenken. Nu wacht de ‘finale’. En krijgt de ploeg van trainer Jan van Staa maar één opdracht en dat is winnen. Tubantia 27-04-06 [https://www.tubantia.nl/fc-twente/het-wonder-is-geschied~a973c734/ ‘Het wonder is geschied’]
  2. langzaam en plechtig muziekstuk ter nagedachtenis van iets of iemand
    De kist van Kalasjnikov werd tijdens de ceremonie bewaakt door een erewacht. Kalasjnikovs zoon Viktor voerde het woord. Een orkest zette een treurmars in. De wapenontwerper overleed maandag op 94-jarige leeftijd. Hij bedacht in 1947 de wereldberoemde AK-47, een lichtgewicht automatisch geweer. Het is nog steeds het meestgebruikte vuurwapen ter wereld. Tubantia 05-09-16 [https://www.tubantia.nl/buitenland/saluutschoten-voor-wapenmaker-kalasjnikov~ab6f5c74/ Saluutschoten voor wapenmaker Kalasjnikov]

Vertalingen

Engelsdead march, funeral march