trekvogel
mannelijk (de)/ˈtrɛkfoɣəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) vogel die 's winters een andere verblijfplaats kiest dan in de broedtijd
Vertalingen
Engelsmigratory bird
Fransoiseau migrateur
DuitsZugvogel
Spaansave migratoria
Italiaansuccello migratore
Zweedsflyttfågel
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek