woorden
boek
Start
›
T
›
trekbus
trekbus
mannelijk/vrouwelijk (de)
/ˈtrɛɡbʏs/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
cilindervorminge buis waarmee men een as kan vastklemmen
Verwante woorden
trek
trekarm
trekbaan
trekbal
trekbalk
trekballen
trekband
trekbank
trekbanken
trekbeen
trekbeest
trekbeesten
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← trekbeugels
trekdag →