treffer
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iets dat doel treftEven later tekende Lewandowski wel voor zijn tiende Champions League-treffer. Oud-Ajacied Maximilian Wöber ging het duel met de Poolse spits veel te lomp in, waarna Lewandowski zijn zelf verdiende strafschop snoeihard in de linkerhoek schoot: 1-0.
- gelukkig toeval
- (informatica) resultaat van een zoekopdracht in een bestand
Etymologie
* van treffen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek