transit
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (medisch) doorvoer
- tussenstop
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘doorvoer’ voor het eerst aangetroffen in 1833
Vertalingen
Engelstransit
Spaanstránsito
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek