toverdokter

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tovenaar die mensen op bovennatuurlijke manier kan genezen
    Tamarisk had waarschijnlijk hetzelfde gedacht, want ze zei tamelijk streng tegen Luke: 'Leg in het vervolg niet meer van die gevaarlijke beloften af aan medicijnmannen, toverdokters of hoe die lui zich ook noemen!' Het drama van Jaco's been had tijdelijk alles overheerst en toen het voorbij was leken de dagen leeg.
  2. persoon die op wonderbaarlijke manier patiënten kan genezen of problemen kan oplossen