toeristenseizoen

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de periode van het jaar dat vakantiegangers iets bezoeken
    Voor Texel loopt het toeristenseizoen van mei tot september, daarbuiten is het heel rustig op het eiland.

Etymologie

*samenstelling van toerist en seizoen