toerisme
onzijdig (het)/tuˈrɪsmə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (toerisme) reizen (soms voor ontspanning, soms om zakelijke of medische redenen)Hij werkt bij een bedrijf dat gespecialiseerd is in toerisme.Sedert lang bezitten de boekerijen van alle landen talrijke werken, waarin de wetenschap de uitkomsten van hare nasporingen over de verschillende landstreken van Europa heeft nedergelegd, waarin het tourisme de herinnering aan zijne indrukken, opmerkingen en soms wel luchtige trekken, heeft gelaten.
Etymologie
* van "tourism", op te vatten als afgeleid van "toeren" ; in de betekenis van ‘het reizen voor zijn plezier’, voor het eerst aangetroffen in 1855 (zie vindplaats hieronder)
Vertalingen
Engelstourism
Franstourisme
DuitsTourismus
Spaansturismo
Italiaansturismo
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek