toerfietser
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die op de fiets op vakantie gaatDe toerfietser die in een niet aan de omstandigheden - wind, helling, wegdek - aangepaste versnelling rijdt, kenmerkt zich als een grote beunhaas.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek