toegangsweg

mannelijk (de)/ˈtuɣɑŋsˌwɛx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. weg waardoor je een bepaalde plaats kunt bereiken
    Een sliert pubermeisjes langs de toegangsweg naar Amona leidt naar een basketbalveldje waar meer dan honderd van hen uitzinnig met hun handen zwaaien op opzwepende muziek. NRC Derk Walters 13 december 2016