thymine

vrouwelijk (de)/tiˈminə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. biochemie (biochemie) een van de vier verschillende stikstofbasen die de bouwstenen van het DNA zijn
    Vier van deze nucleotiden vormen op hun beurt een groep van bio-organische verbindingen: de bouwstenen voor het DNA. Dat zijn cytosine (aangeduid met C), guanine (G), adenosine (A) en thymine (T).

Etymologie

* uit het Grieks