theorie
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een wetenschappelijk model of uitspraak over waarnemingen in de empirieDe hygiënisten hadden weliswaar geen gelijk met hun theorie dat kwalijke dampen de oorzaak waren van cholera en andere infectieziekten, maar je kunt het als een gelukkige misvatting beschouwen, die erg goed uitpakte: dankzij de door hen genomen maatregelen verdween cholera uit Europa.Een heel ander procedé dan bij runderen waar hij tot zijn spijt alleen de theorie van had geleerd omdat er in de noordelijke provincies weinig lamsvlees wordt gegeten en de schapenslacht niet als een noodzakelijke vaardigheid werd beschouwd.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘leer, stelling’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1566
Vertalingen
Engelstheory
Fransthéorie
DuitsTheorie
Spaansteoría
Portugeesteoria
Japans理論
Poolsteoria
Zweedsteori
Deensteori
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek