theater
onzijdig (het)/teˈjatər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (toneel) een uitgaansgelegenheid waar theatervoorstellingen gegeven wordenWij gaan graag samen naar het theater.
- overdreven en onechte emotionele uitingenToen ze het hoorde had mevrouw Maillard luide kreten geslaakt, maar het was zo'n extraverte vrouw dat bij haar onmogelijk uit te maken viel wat angst was en wat theater. {{Aut|Lemaitre, Pierre
Etymologie
*Komt van het Griekse theatron (theater), dat weer een samenstelling is van theastai (kijken) en -tron (plaatsaanduiding).
Vertalingen
Engelstheatre
Fransthéâtre
DuitsTheater
Spaansteatro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek