terrasdeur
mannelijk/vrouwelijk (de)/tɛˈrɑzdør/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de deur die een terras vanuit de woning bereikbaar maaktIn de laatste weken van haar moeders leven schoof Jojo het ziekenhuisbed dwars voor de terrasdeur, zodat haar moeder als ze haar hoofd iets draaide naar buiten kon kijken en tot op het laatst de vogels kon zien.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek