temperatuur

vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. natuurkunde (natuurkunde) grootheid die aangeeft hoe warm het is gerelateerd aan de beweging van de moleculen
    Met een thermometer kan men de temperatuur meten.
    Terwijl de temperatuur steeg en de menigte aanzwol, begonnen de bezoekers door elkaar heen te kijken als waren het open deuren.
    Zo zag ik erg op tegen onbekende gevaren op de trail zoals ratelslangen, beren, steile bergen, felle zon en hoge temperaturen in de woestijn.
  2. muziek (muziek) stemming van de tonen van muziekinstrumenten
    "De temperatuur is gelegd," zei de pianostemmer toen hij een octaaf had gestemd.

Etymologie

* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘warmtegraad’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1793

Vertalingen

Engelstemperature
Franstempérature
DuitsTemperatur
Spaanstemperatura
Italiaanstemperatura
Portugeestemperatura
Poolstemperatura
Zweedstemperatur