telematica
vrouwelijk (de)/ˌteləˈmatiˌka/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (telecommunicatie) (informatica) telecommunicatie en informatica, vooral waarbij deze twee gecombineerd toegepast worden
Etymologie
*afgeleid van matica (afk. van informatica)
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek