telefoondraad

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. draad die zorgt voor telefoonverbindingen over langere afstanden
    Totdat op een late avond in juli 1883 de wereld zijn knokkels knakte - die kleine holtes met ionen die zich in de lucht schuilhouden - en een bliksemschicht door de lucht schoot: er werd een telefoondraad geraakt, er ontstond een vonkenregen en enkele vonken kwamen in het kantoor onder Davids lab terecht.
  2. draad die een telefoontoestel met het telefoonnetwerk verbindt